vrijdag 30 september 2011

Adesso Primary School

In ontwikkelingslanden gaan miljoenen kinderen nog niet naar school. Er is geen geld en ze worden vaak thuis gehouden om mee te helpen in het huishouden of om een bijdrage te leveren aan het gezinsinkomen. Verplicht en toegankelijk basisonderwijs is een belangrijk middel in de strijd tegen kinderarbeid en biedt een betere toekomst voor het land. Het geeft kinderen de mogelijkheid om zich verder te ontwikkelen waardoor hun kansen in het leven toenemen. Daarnaast is er aan de kwaliteit van onderwijs nog veel te verbeteren.

Zo zijn er in Uganda vaak onvoldoende docenten waardoor klassen overvol zijn en is er te weinig schoolmeubilair en lesmateriaal. Veel leerlingen verlaten zonder diploma de school waardoor ze later minder kans hebben uit de armoede te komen. Ruim 10 procent van de leerlingen in ontwikkelingslanden maakt de basisschool niet af. In Uganda wordt zelfs aangegeven dat slechts 38 op de 100 kinderen de Primary School (basisschool) volledig doorlopen. In het voorgezet onderwijs is dat zelfs minder dan 15 procent.
Private Schools bieden meestal beter onderwijs en kleinere klassen, maar het schoolgeld is een stuk hoger en daardoor niet voor alle ouders te betalen. Hierdoor ontstaat er dus eigenlijk een vicieuze cirkel voor de armste laag van de bevolking: slechter toegang tot goed onderwijs en dus minder kansen om verder te komen…
In Uganda is 35 procent van de bevolking ongeletterd. Voor het vinden van werk buiten de eigen streek is het van belang Engels geleerd te hebben, omdat dit de taal is die in heel Uganda gesproken wordt. Onderwijs speelt dus een centrale rol in de ontwikkeling van de kinderen en het land.

Aan het begin en eind van de dag, zien we overal kinderen in felgekleurde uniformen: op weg naar school of naar huis. De schooldag begint vaak al vroeg, vanaf een uur of 7 gaan de meesten al lopen en rond zes uur komen sommigen pas weer thuis aan. Private Schools hebben soms een schoolbus waarmee de leerlingen worden opgehaald. Ook zijn er Boarding Schools waardoor ze de lange afstanden niet dagelijks hoeven af te leggen. In het weekend of in de vakanties (voortgezet onderwijs) komen de kinderen dan naar huis. Uiteraard kost dit meer geld, terwijl voor de mensen uit de arme dorpen het schooluniform soms al nauwelijks te betalen is.

Op het ziekenhuisterrein staat een basisschool: de Adesso Primary School. Hoewel de overheid  de (lage) salarissen betaald, is het een arme school. Er zijn onvoldoende docenten, te weinig ruimte, veel leerlingen per klas (soms wel meer dan 150 kinderen in één lokaal) en nauwelijks lesmateriaal. 
We wilden de hoogste klas (P7) een steuntje in de rug geven, zij moeten over een aantal weken toelatingsexamen gaan doen voor de Secondary School. Toto Wies had een heleboel pennen opgestuurd om uit te delen op de school.
De kinderen waren erg blij en sommigen gingen gelijk hun naam erin krassen en stopten de pen netjes in de zak van hun schoolblouse. De docenten konden we allemaal een rode pen geven, wat ook enthousiast in ontvangst werd genomen!

  

dinsdag 20 september 2011

De ESCo en duurzame energie

Enige tijd geleden hebben we op de weblog geschreven over het Energieproject waar we namens Stichting Kyoga aan werken.
Een onderdeel van dit project is om de medewerkers van Kumi Hospital toegang te geven tot elektriciteit in hun huizen. Ieder gezin krijgt een prepaidmeter waarop Energy Time (vooraf betaalde stroom) gezet kan worden. Hierdoor hebben ze zicht op het eigen energieverbruik, wat zal leiden tot duurzamer gebruik. Wanneer de energietijd bijna op is, geeft de prepaidmeter een signaal en kan er betaald worden voor een nieuwe hoeveelheid stroom. Is er op dat moment geen geld, dan zal het gezin zonder elektriciteit leven totdat de meter weer opgeladen wordt.

Op dit moment is er geen stroom in de huizen en worden kaarsen of kleine zelf gemaakte paraffinelampjes (zie foto) gebruikt. De prijs van paraffine stijgt steeds meer en daarnaast is zeker het brandgevaar een nadelig gevolg van deze manier van huisverlichting. Er worden regelmatig patiënten vanuit omliggende dorpen, met name kinderen, in het ziekenhuis opgenomen met (ernstige) brandwonden. Om deze reden en om duurzame energie bereikbaar te maken, zijn we begonnen met de verkoop van lampen op zonne-energie. Nadat we onderzoek hadden gedaan in Kampala en diverse gesprekken hebben gevoerd, zijn we een overeenkomst aangegaan met BareFoot: een bedrijf dat zich specialiseert in de ontwikkeling en verkoop van zonne-energie verlichting in ontwikkelingslanden.
Inmiddels hebben we dus de mensen om ons heen kennis kunnen laten maken met deze vorm van energie. Er zijn verschillende soorten lampen: van kleine zonnepanelen van 10x10 cm tot grote systemen waarbij er voldoende energie wordt opgewekt voor vijf lampen. Aan de meeste kleine systemen kan ook een mobiele telefoon opgeladen worden en op de grotere panelen een kleine radio worden aangesloten.
De mensen zijn enthousiast, maar doordat we in een arm gebied leven, zijn de kosten helaas vaak nog te hoog en moet er eerst gespaard worden. Om een indicatie te geven: de kleinste lamp met zonnepaneel kost 25.000 Ugandese shilling, wat ongeveer 7 euro is. De positieve reacties van degenen die al een lamp(je) hebben kunnen kopen, zorgen voor nog meer interesse in deze ‘schone’ energie!






In mei is het bouwen gestart als eerste stap naar het opzetten van de Energy Service Company. In het gebouw komt een computersysteem te staan waar de medewerkers van Kumi Hospital de oplaadcodes voor hun prepaidmeters kunnen kopen. De verkoop van de lampen op zonne-energie zal hier verder gaan en er zal ruimte zijn voor het geven van trainingen gericht op efficiënt gebruik van energie. Het zal tegelijkertijd ook de woonplek van de ESCo-manager worden. Het gebouw heeft dan ook een apart woongedeelte, een keuken en een stuk grond eromheen.

Er is de afgelopen maanden door het bouwbedrijf Prio gewerkt met lokaal bouwgereedschap, zoals houten steigers en bakken om spullen in te vervoeren. Het gaat er allemaal wat anders aan toe dan in Nederland. De werknemers dragen oranje overalls en helmen, maar lopen op slippers… En aangezien er geen kantine is, wordt er door de mannen zelf gekookt op houtvuur zodat ze met elkaar kunnen lunchen: dikke maïspap met bruine bonen. Een stevige maaltijd om hard te kunnen werken zodat dit deel van het energieproject ook goed verloopt!

zondag 11 september 2011

Leven in Uganda (2)

De naam Uganda komt van het woord Buganda: de grootste groep etnische bewoners die samen het Kingdom of Buganda vormden. In het KiSwahili wordt het uitgesproken als Uganda en waarschijnlijk kwamen de kolonisten vooral in aanraking met mensen die deze taal spraken, waardoor het Afrikaanse land haar huidige naam kreeg.
Het grootste deel van de bevolking woont in het zuiden en westen van het land, dit zijn vooral Bantu sprekende groepen. Het gebied waar wij wonen wordt bevolkt door de Teso.

Er zijn meer dan 33 verschillende talen in Uganda. De officiële taal is Engels en wordt gesproken als tweede taal door de opgeleide Ugandezen waardoor men elkaar onderling kan verstaan. Bij ons is de lokale taal het Ateso, waar we inmiddels steeds meer van leren te herkennen. Erg belangrijk omdat het een arm gebied is waar niet iedereen naar school is geweest. De meest bijzondere taal wordt in het noorden van Uganda gesproken door de Karimojong: een taal met slechts 180 woorden. Veel Ugandezen spreken ook woorden in het KiSwahili, wat in heel Oost Afrika gesproken wordt en in vroegere tijden door Arabische slavenhandelaars verspreid is.
Uganda heeft, in vergelijking met de omliggende landen, veel vruchtbare grond, met uitzondering van de droge gebieden in het noordoosten van het land. Een kwart van de oppervlakte van Uganda bestaat uit meren, rivieren en natte gebieden.
Er zijn globaal twee regenseizoenen die enkele maanden duren. Hier in Kumi heeft het in mei en juni regelmatig geregend (enkele buien per week) en nu sinds september dagelijks een flinke bui. De temperatuur blijft echter warm, gemiddeld tussen de 20 en 30 graden. Wanneer de regen uitblijft, merken we dat de mensen gespannen raken omdat de angst voor het verliezen van de oogst altijd groot is.
Akkerbouw en veeteelt zorgen voor ongeveer 60% van het totale inkomen in Uganda, met als belangrijke exportproducten koffie, thee en tabak. Ruim 90% van de bevolking is (mede) afhankelijk van de opbrengsten van hun land of werken in de agrarische sector.

Vrijwel alle collega's van Kumi Hospital werken in de vroege ochtenden en tijdens het weekend op het land om extra inkomsten te hebben. Voedsel voor eigen gebruik en het betalen van schoolgeld zijn terugkerende problemen waar de opbrengst van de oogst voor moet zorgen.
Dit weekend was Grace (één van de vrouwen die in de Guesthouse kookt) met haar zonen en dochters bezig op het land. We hadden aangeboden te helpen en zijn samen met hen rijst gaan oogsten. Tijdens het werk in de zon werd gekletst in het Ateso met tussendoor wat Engels. Zo leerden de kinderen ons weer enkele woorden in hun taal en wilden ze graag zingen met elkaar. Rond het middaguur waren we klaar voor die dag en kregen een lekkere maaltijd van pocho (dikke pap van maismeel) met aubergine.
Omdat er aan alles tekort is, proberen we ook op andere manieren te ondersteunen. Gelukkig krijgen we daarbij hulp van vrienden en familie thuis. Hanneke is eind augustus een week naar Nederland gegaan vanwege het onverwacht moeten ophalen van allerlei documenten die nodig zijn voor het verlengen van ons visum. De kans op kwijt raken via het opsturen per post is in Uganda helaas aanwezig en dat risico wilden we niet nemen. Vandaar dat één van ons kort terug is geweest. Naast het zien van alle dierbaren, gelijk deze mogelijkheid aangepakt om ook andere spullen mee te nemen naar Uganda. Geweldig hoeveel (kinder)kleding, speelgoed etc. we hebben gekregen om hier uit te delen.

Een aantal dingen hebben we al kunnen geven, waaronder een leesbril aan de oude man die regelmatig langskomt om sinasappels en houten lepels te verkopen, sokjes en een shirt voor een gehandicapt meisje, een flesje voor het voeden van een ernstig ondervoede baby (dronk uit een gewone beker koemelk) en kleding voor de kinderen op de Nutrition Ward.
Het is wellicht een druppel op een gloeiende plaat, maar als jij net die ene druppel mag ontvangen… Iedereen bedankt voor het verzamelen, opsturen en geven van al deze spullen. Zo kunnen we met elkaar een bijdrage leveren aan de kwaliteit van leven van de mensen om ons heen!